Pasgeboren pups verzorgen

Hoe verzorg je een pasgeboren puppy?

Normaal gezien verzorgt je hond haar pasgeboren pups perfect zelf. Toch zijn er een aantal zaken waar jij als baasje op moet letten.

Pasgeboren pups verzorgen

Na de dracht en bevalling van je hond kan je op verschillende manieren bijdragen aan de groei en ontwikkeling van puppy’s.

Pasgeboren pups zijn kwetsbaar. Je hond zal hen likken om de vruchtvliezen uit hun neus te halen en hun lichaamstemperatuur op pijl te houden. Ook bijt je hond de navelstreng door en worden de pups gestimuleerd om te drinken.

Is dat niet het geval? Dan zijn er verschillende manieren om de pasgeboren pups alsnog te verzorgen.

Puppy verzorgen: de eerste weken

Kijk de puppy’s na op volgende afwijkingen:

Bijt je hond de navelstreng niet door? Dan zal je een steriele tang op de navelstreng moeten zetten. Zet de tang drie tot vier centimeter van de buik van de puppy. Knip de navelstreng aan de kant van de moederkoek door. Laat de steriele tang ongeveer 10 minuten zitten om het bloeden te stelpen. Het stukje navelstreng zal uitdrogen en na vier tot zeven dagen loskomen.

Puppy’s moeten na hun geboorte meteen drinken. Zo krijgen ze energie en antistoffen. Bovendien kunnen ze zo hun lichaamstemperatuur zelf op pijl houden. De meeste gezonde pups kunnen de tepels van je hond makkelijk vinden. Soms hebben ze wat hulp nodig. Puppy’s drinken normaal gezien elke twee tot drie uur bij hun moeder. 

Risico's bij pasgeboren puppy's

Puppy’s kunnen zichzelf nog niet warm houden en schoonmaken. Normaal gezien zal je hond de puppy’s helpen plassen en ontlasten door aan hun achterste te likken. Is dat niet het geval? Neem dan contact op met je dierenarts.

Een piepende pasgeboren puppy heeft meestal een probleem. Ga na of hij het te warm of te koud heeft. Een warmtelamp kan een oplossing bieden. 

De eerste vier tot vijf dagen is een temperatuur van 26 tot 28 graden het beste. Laat de temperatuur in de tweede week geleidelijk dalen tot 26 graden. In de derde week is een temperatuur tussen 23 en 26 graden ideaal. 23 graden is in de vierde week warm genoeg.

Groeit een puppy niet of valt hij af? Dan is er iets mis. Let ook op het gedrag van je hond. Verzwakte puppy’s krijgen vaak minder aandacht. Geef hem daarom extra aandacht, warmte, vocht en voeding. Neem contact op met je dierenarts bij twijfel.

Zintuigen van pasgeboren puppy’s

Tot puppy’s tien tot veertien dagen oud zijn, kunnen ze nog niet horen of zien. Als je puppy ouder is dan twee weken en zijn oogjes nog niet opende, neem je best contact op met je dierenarts. Ook bij opgezwollen oogleden of afscheiding uit de ogen neem je best contact op.

Pasgeboren puppy’s kunnen erg goed ruiken. Daarom laat je ze best zo snel mogelijk aan mensen wennen. Pak de puppy’s niet te vaak op. Rust is in deze fase het allerbelangrijkste.

Gewicht pasgeboren puppy’s

Pups moeten elke dag bijkomen. Hou puppy’s met een laag geboortegewicht of pups die afvallen na de geboorte extra in de gaten. Weeg je puppy’s meteen na de geboorte. Na twaalf uur volgt een tweede weging. Weeg de puppy’s daarna elke dag op hetzelfde tijdsstip. Na vier weken kan je ze wekelijks wegen.

Gemiddeld groeit een puppy op een dag 1,6 tot 4 gram, afhankelijk van zijn totale lichaamsgewicht als volwassen hond. Dus bijvoorbeeld 1,6 gram voor een puppy met een volwassen gewicht van 60 kilogram en 4 gram voor een pup van 5 kilogram.

Het geboortegewicht van een puppy varieert tussen 100 en 500 gram. Het gewicht van een pasgeboren puppy moet verdubbeld zijn na 8 tot 10 dagen.

Hoe breng je een puppy met de fles groot?

Puppy’s kunnen ook met de fles worden grootgebracht. Ze moeten in de eerste week om de drie uur gevoerd worden. Na drie weken kunnen de flesvoedingen worden afgebouwd.

Naast moedermelk eten ze dan ook vast voedsel. Geef de hondjes een papje van puppyvoeding en kunstmatige melk. Daarna kan je het gebied rond de anus van de puppy’s masseren om plassen en ontlasten te stimuleren.

Puppy’s die met de hand worden grootgebracht, groeien vaak minder snel dan pups die bij hun moeder blijven.

Hoe geef je een puppy extra voeding?

Overleg het toedienen van extra voeding altijd met je dierenarts. Voeg twee delen voorgekookt lauwwarm water toe aan één deel melkpoeder. Roer daarna tot alle klonters opgelost zijn. Gebruik alle melk in één keer.

Leeftijd

Aantal voedingen per 24 uur

Dagelijkse hoeveelheid per 100 gram lichaamsgewicht

Eerste week

12

12 – 28 ml

Tweede week

8

14 – 28 ml

Derde week

6

16 – 28 ml

Vierde week

5

18 – 30 ml

Vijfde week

5

18 – 30 ml

Om de melk toe te dienen, kan je een flesje of een sonde gebruiken. Met een sonde voorkom je dat de puppy zich verslikt. Je brengt dan met een rubberen slang melk rechtstreeks in de maag van de puppy. 

Leg de puppy op zijn zij. De sonde zou tot aan zijn zesde rib moeten komen. Zet op de plaats waar de sonde uit zijn mond komt een streepje. Zo weet je hoe diep je de sonde moet inbrengen.

Schuif de sonde in de mond van de puppy. Als hij slikt, duw je de sonde langzaam door tot aan het streepje. Zet de spuit met melk op de sonde en druk ze langzaam leeg. Als je dat te snel doet, kan de puppy misselijk worden en overgeven.

Test met een extra spuit of je niet per ongeluk met de sonde in het ademhalingsstelsel van de puppy zit. Als je de spuit aan de sonde koppelt en lucht kan optrekken, zit je verkeerd. Haal de sonde voorzichtig weer naar buiten en probeer opnieuw.

Lees hier meer over het gebit van een puppy. Voor verdere tips en begeleiding kan je altijd bij je dierenarts terecht.